Klas 2

Fabels en Heilige Legendes

In de tweede klas staat de vertelstof van de fabels én heiligenlegenden centraal. Dit heeft een reden. In deze leeftijdsfase wordt de blik waarmee kinderen om zich heen kijken scherper. Soms zelf erg scherp, want het hart van een tweedeklasser ligt op de tong. Vriendschappen en emoties wisselen nog snel. In de fabels worden dieren met menselijke eigenschappen op scherpzinnige wijze neergezet. De dieren zijn sluw, moedig, gulzig en daarin onverteerbaar. Ze houden de mens een spiegel voor. De legende handelt over mensen die tot inzicht zijn gekomen. De heilige was niet altijd heilig. Vaak is er een ontwikkeling moment geweest waardoor zij door inzichten zijn gekomen. Zowel uit de fabels als de legendes spreekt een natuurlijke moraal, waarbij een oordeel over goed en kwaad onuitgesproken blijft.

PERIODES:

Taal
Het taalonderwijs in de tweede klas bestaat uit vier taalperiodes. Tijdens deze periodes wordt aandacht gegeven aan lezen, schrijven maar ook aan discussiëren en feiten en meningen. Het lopend schrift wordt aangeleerd en er wordt veel zorg besteed aan de verzorgingen van de periodeschriften. De hoofdletter en de punt worden met de introductie van de zin. In klas 2 schrijven kinderen langere verhalen, briefjes en dergelijke. Er wordt aandacht besteed aan de zinsbouw, de spelling, de verzorging en de bladspiegel. Door hulp van gedichtjes, ritmische oefeningen, reciteren en wordt het spreken ontwikkeld.

Rekenen

In klas 2 zijn er vier rekenperiodes. De kinderen leren zich vrij te bewegen door de getallenlijn die zich uitbreidt tot 100. De tafels worden in verschillende vormen en patronen zichtbaar gemaakt en toegepast in situaties van alledag. De
rekenopgaven staan altijd in een verband, bijvoorbeeld de ene som komt voort uit de andere of allerlei bewerkingen rond een getal of kettingsom. Vanuit verbinding met de praktijk worden verhaalsommen aangeboden.

Heemkunde
Twee periodes stimuleren de kinderen tot een bewustere en fantasievollere verbinding met de eigen omgeving. De
aandacht in de 1e klas wordt nu verder uitgebreid, bijvoorbeeld met een bijen en insecten-periode. De onderlinge
samenhang en eigen waarneming krijgen nadruk.

VAKLESSEN:


Vormtekenen
Tijdens vorm tekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen van de kinderen. Klas 2 is in beweging en daarom wordt geoefend met het lopen van de vorm, een voorbereiding op het tekenen ervan. Nieuw zijn de spiegeloefeningen (links en rechts).

Euritmie
In de euritmie-lessen krijgen leerlingen onder begeleiding van pianospel bewegende verhalen aangeboden van de
euritmie-leerkracht. De verhalen staan centraal binnen de lesjaren. De bewegingen zorgen voor een goede integratie van de lesstof. Tijdens de lessen worden spiralen, lemniscaten, rust-oefeningen en ritmisch bewegingen beoefend.

Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen zingen, spelen en luisteren. Ook ons muziekonderwijs heeft een opbouw die aansluit bij de ontwikkeling van de kinderen. In de eerste klas leren de kinderen het bespelen van een blokfluit. De kinderen hebben een eigen fluit die jaren meegaat. Klas 2 is onderdeel van de koorgroep in gezamenlijkheid met klas 1 en klas 3. Hiervoor wordt wekelijks geoefend in de grote zaal.

Nieuws over

Lees het laatste nieuws over de school.

Actueel 

Lees het laatste nieuws over de school.
Podcast Christof Wiegert
Lees meer
Filmpje ‘onderwijs’
Lees meer
Weekbericht
Lees meer
Onderdeel van: