
klas 1 Het Rozenpoortje en Klassieke Volkssprookjes
De overgang van de kleuterklas naar de eerste klas markeert een grote sprong. Letterlijk; want op de eerste schooldag van het nieuwe schooljaar worden de kleuters een voor een door hun kleuterjuf naar het rozenpoortje begeleidt.
Daar nemen ze een grote sprong en worden ontvangen door hun nieuwe juf. Alle leerlingen van de hogere klassen zingen hen een warm welkom toe. Ze zijn nu echt onderdeel van de grote school en gaan aan de slag!
De vertelstof is in de eerste klas gericht op de klassieke volkssprookjes. De zekerheid van zo hoort het en zo gaat het is nog heel belangrijk voor eersteklassers. Door de vertelstof mogen zij ervaren dan ondanks gevaren en uitdagingen het goede altijd overwint. Tijdens het luisteren ontstaat er een innerlijke belevingswereld waarin de sprookjesbeelden worden opgenomen. Als vanzelf identificeren de kinderen zich met de sprookjesfiguren die moedig, vlijtig, krachtig, mooi of geduldig zijn. Het luisteren naar verhalen zal de kinderen door alle klassen van de bovenbouw voeden met rijke beelden waar zij in hun volwassen leven (on)bewust kracht aan kunnen ontlenen. In de eerste klas wordt alle lesstof aangeboden vanuit de motoriek. Er worden lettervormen gelopen, heen en weer gesprongen op de getallenlijn en gestampt en geklapt om de tafelrijen te leren herkennen. De kinderen raken steeds meer thuis in hun lichaam! En pas wanneer ze voldoende hebben bewogen, heerst er in de klas de rust en de concentratie die nodig is om te kunnen werken. De zekerheid van zo hoort het en zo gaat het is nog heel belangrijk voor eersteklassers. En omdat kinderen uit verschillende kleuterklassen komen wordt er veel aandacht besteed aan het vormen van een klassen geheel. Hierbij is helpend dat de lesstof wordt aangeboden in periodes waarbij verhalend onderwijs centraal staat. Zo ontstaan er een geheel, iets waar alle kinderen enorm goed bij gedijen. De periodes in de eerste klas staan in het teken van Taal, Rekenen en Heemkunde.
PERIODES:
Taal
Tijdens de taalperiode begint de leerkracht met het aanbieden van de letters met beeld (K= koningsletter, met een verhaal over een koning) en klank. De Kis een Krachtige letter die met Kracht mag worden uitgesproken. Ons uitgangspunt bij het schrijven is steeds dat de leerlingen eerst hun zelf geschreven letters en woorden lezen en daarna pas gedrukte versjes en rijmpjes. Vanaf de 1e klas wordt dagelijks een dictee gegeven. Hierbij leren de kinderen klassikaal de klanken en letters aan elkaar te verbinden. Het schrijven is nauw verbonden met het luisteren en spreken. De motorische vaardigheden, nodig om te kunnen schrijven, worden gestimuleerd door het vormtekenen en de euritmielessen
Rekenen
In vier rekenperiodes leren de kinderen rekenen vanuit de eigen activiteit (beweging, ritmisch-muzikaal en tekenen). De
leerkracht start met het grootste getal: 1. Daarna wordt gewerkt van groot naar klein zodat ze thuis raken in de wereld van de getallen. In de klas wordt geteld, verdeeld en geordend met kastanjes, kralen, knopen en met het eigen lichaam door ritmisch klappen en stampen. Zo wordt ook voelbaar hoeveel de getallen zijn. Wij werken met de Arabische en de Romeinse getallenlijn. Steeds wordt zo gewerkt dat de kinderen zich met hun hele wezen (hoofd, hart, handen) kunnen verbinden met de lesstof.
Heemkunde
In de eerste klas worden twee periodes Heemkunde gegeven. Hierin staat de directe omgeving van de kinderen centraal. De lesstof bevat verhalen en opdrachten over de natuur, de seizoenen, planten en dieren en legt hierbij de basis voor latere periodes over Aardrijkskunde, Biologie en Natuurkunde. Vanaf de eerste klas wordt hun wereld ieder jaar een beetje groter.
VAKLESSEN:
Vormtekenen
Tijdens vorm tekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen van de kinderen. In klas 1 oefenen de kinderen met het kloppend maken van de vorm, waarbij links en rechts evenwichtig wordt ontwikkeld.
Euritmie
In de euritmie-lessen krijgen leerlingen onder begeleiding van pianospel bewegende verhalen aangeboden van de
euritmie-leerkracht. De verhalen staan centraal binnen de lesjaren. De bewegingen zorgen voor een goede integratie van de lesstof. Tijdens de lessen worden spiralen, lemniscaten, rust-oefeningen en ritmisch bewegingen beoefend.
Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen zingen, spelen en luisteren. Ook ons muziekonderwijs heeft een opbouw die aansluit bij de ontwikkeling van de kinderen. In de eerste klas leren de kinderen het bespelen van een blokfluit. De kinderen hebben een eigen fluit die jaren meegaat.

Fabels en Heilige Legendes
In de tweede klas staat de vertelstof van de fabels én heiligenlegenden centraal. Dit heeft een reden. In deze leeftijdsfase wordt de blik waarmee kinderen om zich heen kijken scherper. Soms zelf erg scherp, want het hart van een tweedeklasser ligt op de tong. Vriendschappen en emoties wisselen nog snel. In de fabels worden dieren met menselijke eigenschappen op scherpzinnige wijze neergezet. De dieren zijn sluw, moedig, gulzig en daarin onverteerbaar. Ze houden de mens een spiegel voor. De legende handelt over mensen die tot inzicht zijn gekomen. De heilige was niet altijd heilig. Vaak is er een ontwikkeling moment geweest waardoor zij door inzichten zijn gekomen. Zowel uit de fabels als de legendes spreekt een natuurlijke moraal, waarbij een oordeel over goed en kwaad onuitgesproken blijft.
PERIODES:
Taal
Het taalonderwijs in de tweede klas bestaat uit vier taalperiodes. Tijdens deze periodes wordt aandacht gegeven aan lezen, schrijven maar ook aan discussiëren en feiten en meningen. Het lopend schrift wordt aangeleerd en er wordt veel zorg besteed aan de verzorgingen van de periodeschriften. De hoofdletter en de punt worden met de introductie van de zin. In klas 2 schrijven kinderen langere verhalen, briefjes en dergelijke. Er wordt aandacht besteed aan de zinsbouw, de spelling, de verzorging en de bladspiegel. Door hulp van gedichtjes, ritmische oefeningen, reciteren en wordt het spreken ontwikkeld.
Rekenen
In klas 2 zijn er vier rekenperiodes. De kinderen leren zich vrij te bewegen door de getallenlijn die zich uitbreidt tot 100. De tafels worden in verschillende vormen en patronen zichtbaar gemaakt en toegepast in situaties van alledag. De
rekenopgaven staan altijd in een verband, bijvoorbeeld de ene som komt voort uit de andere of allerlei bewerkingen rond een getal of kettingsom. Vanuit verbinding met de praktijk worden verhaalsommen aangeboden.
Heemkunde
Twee periodes stimuleren de kinderen tot een bewustere en fantasievollere verbinding met de eigen omgeving. De
aandacht in de 1e klas wordt nu verder uitgebreid, bijvoorbeeld met een bijen en insecten-periode. De onderlinge
samenhang en eigen waarneming krijgen nadruk.
VAKLESSEN:
Vormtekenen
Tijdens vorm tekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen van de kinderen. Klas 2 is in beweging en daarom wordt geoefend met het lopen van de vorm, een voorbereiding op het tekenen ervan. Nieuw zijn de spiegeloefeningen (links en rechts).
Euritmie
In de euritmie-lessen krijgen leerlingen onder begeleiding van pianospel bewegende verhalen aangeboden van de
euritmie-leerkracht. De verhalen staan centraal binnen de lesjaren. De bewegingen zorgen voor een goede integratie van de lesstof. Tijdens de lessen worden spiralen, lemniscaten, rust-oefeningen en ritmisch bewegingen beoefend.
Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen zingen, spelen en luisteren. Ook ons muziekonderwijs heeft een opbouw die aansluit bij de ontwikkeling van de kinderen. In de eerste klas leren de kinderen het bespelen van een blokfluit. De kinderen hebben een eigen fluit die jaren meegaat. Klas 2 is onderdeel van de koorgroep in gezamenlijkheid met klas 1 en klas 3. Hiervoor wordt wekelijks geoefend in de grote zaal.

Het Oude Testament
In de 3e klas staat ‘thuis raken in de wereld om je heen’ centraal. Hoe leven en werken wij? Hoe leven en werken mensen die elders wonen? In de lessen wordt aandacht besteed aan vaardigheden en ambachten. Derde klassers wisselen nog heel sterk in hun verhouding tot autoriteit. Voortdurend worden volwassenen langs de graadmeter gelegd. Voor het eerst beginnen vriendschappen te ontstaan die veel langer duren en emotioneel dieper ingrijpen. In de vertelstof horen kinderen de verhalen uit het oude testament. Het gaat over geloof, volgen en de steeds verder
vorderende individualisering. Zo maken ze zich klaar voor de overgang van de derde naar de vierde klas.
PERIODES:
Taal
In de vier taalperiodes leren de kinderen met steeds meer afstand naar taal kijken en over taal spreken. De vulpen doet zijn intrede in de periode die de geschiedenis van het schrift behandelt. De geschreven verhalen worden langer en er zijn voorbereidende oefeningen voor het houden van boekbesprekingen en spreekbeurten. Dit jaar wordt er druk geoefend met de leestekens.
Rekenen
In de vier rekenperiodes wordt de getallenlijn uitgebreid tot 1000. Om goed te ‘voelen’ hoeveel dit is wordt er in tientallen en honderdtallen gelopen en gesprongen. Hierbij leren de kinderen geen rekenregels maar eigen ervaringen die het rekenwerk vergemakkelijken of verkorten. Hierdoor kunnen abstracte sommen door middel van handig rekenen worden opgelost. De tafels worden in deze klas nog steeds klassikaal geoefend, heen en terug. Het inzien van grote getallen door het maken van schattingen en meetopdrachten vind veelvuldig plaats.
Heemkunde
De twee heemkunde periodes behandelen oude ambachten en huizenbouw. De kinderen doorleven de ontwikkeling van
hut tot moderne woning met tekenen en het bouwen van miniatuur woningen. In deze periodes worden vaak uitstapjes
gemaakt naar bijvoorbeeld een smederij of het openluchtmuseum
VAKLESSEN:
Vormtekenen
Tijdens vormtekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen van de kinderen. In klas 3 staat de metamorfose van vormen en spiegeloefeningen centraal.
Euritmie
In de euritmie-lessen krijgen leerlingen onder begeleiding van pianospel bewegende verhalen aangeboden van de
euritmie-leerkracht. De verhalen staan centraal binnen de lesjaren. De bewegingen zorgen voor een goede integratie van de lesstof. Tijdens de lessen worden spiralen, lemniscaten, rust-oefeningen en ritmisch bewegingen beoefend.
Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen zingen, spelen en luisteren. Ook ons muziekonderwijs heeft een opbouw die aansluit bij de ontwikkeling van de kinderen. Klas 3 is onderdeel van de koorgroep in gezamenlijkheid met klas 2 en klas 1. Hiervoor wordt wekelijks geoefend in de grote zaal

De Oud-Germaanse Mythologie
In de vierde klas staat de vertelstof van de Edda centraal. Deze Noorse Mythologie staat bol van de strijd tussen goden en
reuzen, dwergen en andere natuurwezens. Dit krachtenveld vindt ook in de klas plaats. De vierdeklasser krijgt het besef dat
iedereen eigen is een daarbij ook zij eigenaardigheden heeft. Er kunnen weer angsten en onzekerheden ontstaan. Hierdoor
spelen de overwinningsverhalen uit deze mythologie een belangrijke rol in de ontwikkeling van de kinderen. Hierin voeren
de goden een voortdurende strijd met mensen, reuzen, dwergen en andere natuurwezens. In de lesstof zien we terug dat
de vierde klasse niet alleen met meer afstand naar zichzelf kijkt, maar ook dat hij zichzelf in ruimte en tijd leert plaatsen. Bij
aardrijkskunde leren de kinderen plattegronden tekenen en de wereld van bovenaf te zien. Zij veroveren hun plaats in de
wereld.
PERIODES:
Taal
De leerlingen krijgen vriendschappen die dieper gaan doorwerken in hun leven. Ze hebben geheimen en kiezen wie ze wel
en niet in hun binnenwereld toelaten. Hierbij past ook het ontstaan van geheimtalen, schriftelijk of mondeling. Kinderen
zijn geboeid wanneer er gezamenlijk naar deze fenomenen wordt gekeken. Daarom is de vertelstof van dit jaar
oorspronkelijk in stafrijm geschreven. Door de beklemtoning van de (vaak) eerste lettergreep (“Hoort het verHaal van de
Asen van Asgard, machtige Goden Groot in getal”) ontstaat een krachtig metrum dat past bij strijdlustige verhalen. Door
naar alliteratie en woordspelingen op klank te kijken in gedichten en verhalen, vergroten kinderen hun gevoeligheid voor de
schoonheid van taal. In vier taalperiodes worden spraakoefeningen gebruikt voor een juiste uitspraak en om goed te leren
vertellen. Er worden spreekbeurten en leesverslagen gemaakt. Er wordt geoefend met monologen, reflecteren en
voordrachten geven en achtergronden van spreekwoorden en gezegden worden behandeld aan de hand van geografische
verschillen in Nederland.
Rekenen
In vier rekenperiodes wordt het hoofdrekenen uitgebreid met het cijferend vermenigvuldigen en de staartdelingen. Het
kennismaken met de breuken verloopt door middel van het breken, verdelen, samenstellen en vergelijken van benoemde
stambreuken. De leerlingen doen zoveel mogelijk ervaringen op door knippen, plakken, bakken en tekenen en maken zo op
gevarieerde wijze kennis met breuken.
Heemkunde
De heemkunde periodes gaan nu over in aardrijkskunde, plant -en dierkunde en geschiedenis.
Aardrijkskunde
Met aardrijkskunde komt het ingrijpen van de mens in de natuurlijke omgeving aan bod, zoals dijkenbouw, ontginning en
inpoldering. Hierbij wordt door middel van kaarttekenen en oriëntatie aan de windrichtingen een start gemaakt met de
topografie van Nederland.
Mens en dierkunde
Tijdens de mens en dierkunde periode wordt de menselijke gestalte behandeld en vergeleken met die van de dieren.
Geschiedenis
De geschiedenis periode wordt in samenhang gebracht met de aardrijkskunde en heeft vooral op de eigen woonomgeving
betrekking. Het ontstaan van Friesland en belangrijke figuren uit de geschiedenis maakt dat de kinderen hier meer
verbinding mee kunnen krijgen.
VAKLESSEN:
Vormtekenen
Tijdens vormtekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen
van de kinderen. In klas 4 komen de vluchtmotieven aan bod.
Houtbewerking
In het leren beheersen van verschillende technieken, het afmaken van het werk en het hanteren van natuurlijke materialen
zijn de drie ontwikkelingsgebieden -het denken, voelen en willen -terug te vinden. De leerstof van het vak houtbewerking is
gerelateerd aan de leerstof van de vierde klas.
Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een
individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen
zingen, spelen en luisteren. Ook ons muziekonderwijs heeft een opbouw die aansluit bij de ontwikkeling van de kinderen.
Klas 4 is onderdeel van de koorgroep in gezamenlijkheid met klas 5 en klas 6. Hiervoor wordt wekelijks geoefend in de grote
zaal.

De Griekse Mythologie
In klas 5 wordt het voor de kinderen minder vanzelfsprekend om volwassenen in hun leven te betrekken. Ze praten graag
met elkaar over wat hen bezighoudt en nemen krachtiger stelling tegen onrecht. Regelmatig gaan ze daarbij over de schreef
want genuanceerd oordelen is nog niet een vaardigheid die bij deze leeftijd hoort. Het denken wordt onderzocht, er wordt
geëxperimenteerd met verschillende denkbeelden, ze nemen stelling en vergelijken verschillende gezichtspunten. De
vertelstof van de Griekse mythen en sagen sluit aan bij de ontwikkelingsfase waarin deze klas zich bevindt. De goden
worstelen met menselijke eigenschappen als jaloezie en wraakzucht. Vaak leidt dit tot grote verschillen en zijn er andere
goden of gebeurtenissen voor nodig om hen weer bij elkaar te brengen.
PERIODES:
Taal
In vier taalperiodes wordt veel geoefend met dictee, interpunctie, het afbreken van lettergrepen aan het einde van de
regel, de uitgangen van de werkwoordsvormen, stijl en handschrift. Er wordt enkelvoudig redekundig ontleed: ontwerp,
gezegde, lijdend voorwerp. Daarnaast wordt er geoefend met begrijpend lezen. In de grammatica worden werkwoorden
vervoegd. De leerlingen gaan experimenteren met het lezen van fictionele, informatieve en technische teksten. Tijdens het
spelen van een toneelstuk nemen spraak en taal een belangrijke rol in. De recitatie omvat de hexameter, die past bij de
Griekse vertelstof. De gedichten worden niet alleen gesproken maar ook gelopen in de maat en in het ritme met de lange
en de korte passen.
Rekenen
Tijdens de rekenperiodes komen de hele getallen, breuken en kommagetallen aan bod. Vanuit het geld, het meten of de
staartdeling vindt een kennismaking plaats met de decimale breuken. De leerlingen ontdekken in het meten de formules
voor omtrek, oppervlakte en inhoud. Meetkundige figuren worden in de vormtekenlessen uit de hand geschetst. Naar
aanleiding van praktijksituaties worden vraagstukjes gegeven die individueel, in groepjes of klassikaal worden opgelost.
Aardrijkskunde
In twee aardrijkskunde periodes wordt aandacht gegeven het ontstaan van handel, verkeer en bedrijvigheid. Het
kaarttekenen krijgt meer detail en differentiatie, bijvoorbeeld in natuurkundige, topografische en economische kaarten. In
klas 5 is er ook veel aandacht voor verkeersregels en verkeersinzichten.
Geschiedenis
In de 5e klas worden twee geschiedenisperiodes gegeven. In de eerste periode wordt vertelt over de oude culturen van het
Oude India, Perzie, Mesopotamië, Egypte en Grieken. De leerlingen maken kennis met de oorsprong van landbouw, veeteelt
en religies. De tweede periode gaat over de Griekse cultuur. Er wordt thematisch gesproken over onderwerpen als
democratie, tempels, theater, filosofen en het ontstaan van het alfabet. Steeds worden deze onderwerpen voor de
leerlingen leefbaar gemaakt door middel van situaties uitspelen, boetseren, tekenen, schilderen.
Plantkunde
In deze periode krijgt de klas een overzicht van het plantenrijk, gericht op de samenhang en totaliteit met de omgeving en
de karakteristieken van de afzonderlijke planten. In het periodeschrift wordt uitgebreid getekend en geschreven.
VAKLESSEN:
Vormtekenen
Tijdens vormtekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen
van de kinderen. In de 5e klas staat motieven uit de Oud-Griekse en Babylonische cultuur centraal. Meetkundige figuren
worden uit de hand geschetst en zijn een ondersteuning mijn het rekenen.
Houtbewerking
In het leren beheersen van verschillende technieken, het afmaken van het werk en het hanteren van natuurlijke materialen
zijn de drie ontwikkelingsgebieden -het denken, voelen en willen -terug te vinden. De leerstof van het vak houtbewerking is
gerelateerd aan de leerstof van de vijfde klas. Er wordt gewerkt aan houtsnijden vanuit verschillende technieken.
Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een
individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen
zingen, spelen en luisteren. Ook ons muziekonderwijs heeft een opbouw die aansluit bij de ontwikkeling van de kinderen.
Klas 5 is onderdeel van de koorgroep in gezamenlijkheid met klas 4 en klas 6. Hiervoor wordt wekelijks geoefend in de grote
zaal.

De Romeinse tijd
In de zesde klas kondigt de pubertijd zich aan. De vanzelfsprekendheid van de wereld gaat verloren. Het goede overwint
niet altijd meer. Rechtvaardig zijn, consequent zijn, den de waarheid spreken staan hoog op de agenda van de
klassengesprekken. Dat wat waar is, is belangrijk. Of iets ‘echt gebeurd’ is, of iets meetbaar is, is van belang. Deze inzet
vraagt van de leerkracht een verandering in hun houding naar de kinderen toe, van autoriteit tot begeleider en bewaker
van processen. De vertelstof van de Romeinse tijd sluit hierbij aan. Als zesde-klassers zullen zij de wereld “veroveren” want
zij gaan na de zomer naar de middelbare school. Een volgende stap.
PERIODES:
Taal
De drie taalperiodes richten zich onder meer op het grammaticaal onderscheiden van woordsoorten en zich helder
uitdrukken op schrift in verschillende stijlen, zoals de briefvorm. In de zesde klas wordt er uitgebreid taalkundig en
redekundig ontleed. De kinderen maken kennis met lijdende en bedrijvende zinnen.
Er blijft veel aandacht voor het begrijpend lezen omdat dit ook in het vervolgonderwijs een grote rol blijft spelen. Het
schrijven van een recensie en een column zijn oefeningen waarbij de taalkundigheid van de kinderen wordt uitgedaagd.
Rekenen
In drie periodes rekenen staan sommen naar aanleiding van het praktische leven centraal. De breuken en procenten wordt
toepasbaar gemaakt aan de hand van geld en bankzaken.
Nieuw zijn de verhoudingstabellen en het rekenen met formules als inleiding op de algebra. Al doende leren kinderen de
voornaamste eigenschappen ontdekken van cirkels drie- en veelhoeken. De soorten vierhoeken (vierkant, rechthoek,
parallellogram, ruit, vlieger en trapezium) worden getekend.
Geschiedenis
In de twee geschiedenisperiodes speelt de vertelstof van de Romeinse cultuur en die van de Middeleeuwen een grote rol.
Hierbij wordt ook de link gelegd met hun invloed op deze tijd. Verder is er aandacht voor de confrontatie tussen de islam en
het christendom tijdens de kruistochten.
Biologie
In de periode mineralogie komen gesteenten en mineralen aan bod zoals kalk en graniet. Ook wordt er een begin gemaakt
met atmosferische verschijnselen zoals we die terugzien in het klimaat en het weer.
VAKLESSEN:
Vormtekenen
Tijdens vormtekenlessen wordt er een beroep gedaan op de fijne motoriek, de vormkracht en het voorstellingsvermogen
van de kinderen. In de zesde klas wordt gewerkt met meetkundige figuren en perspectief tekenen.
Houtbewerking
In het leren beheersen van verschillende technieken, het afmaken van het werk en het hanteren van natuurlijke materialen
zijn de drie ontwikkelingsgebieden -het denken, voelen en willen -terug te vinden. De leerstof van het vak houtbewerking is
gerelateerd aan de leerstof van de zesde klas. Er wordt gewerkt aan het ontwerpen van gebruiksvoorwerpen aan de hand
van het gutsen van holle en bolle vormen.
Muziek
In de muzieklessen zijn spelen en luisteren met elkaar verbonden in afhankelijkheid. Het maken van muziek is zowel een
individueel als een groepsproces. Dit maakt muziek bij uitstek tot een sociaal verschijnsel die tot uiting komt in het samen
zingen, spelen en luisteren. Klas 6 is onderdeel van de koorgroep in gezamenlijkheid met klas 4 en klas 5. Hiervoor wordt
wekelijks geoefend in de grote zaal.
OUDERS:
Ouders
Wij verwachten van ouders dat zij kennis hebben of nieuwsgierig zijn naar de antroposofische pedagogiek van
kinderen. Ons onderwijs vindt zich het beste een weg als de visie thuis wordt ondersteund of doorleeft.
Ouderbijdrage
Wij vragen aan alle ouders een jaarlijkse ouderbijdrage die wordt betaald naar draagkracht. Indien nodig kan over
de hoogte en de betaling van het bedrag een gesprek worden aangevraagd met de directie. De bijdrage is
essentieel voor de invulling van ons onderwijs en wordt o.a. gebruikt voor materialen en excursies.
Vanuit de ouderbijdrage wordt materiaal integraal ingekocht. Hierbij mag je denken worden aan: bijenwas,
penselen, metalen, zaden, wol etc. Ook buitenschoolse klassikale activiteiten zoals excursies in de natuur en
historische bezoeken vallen hieronder.
Michael Academie
Op de Michaëlschool ben je als ouder welkom op onze Michael Academie. Een cursus initiatief voor ouders. Hier
vinden het hele jaar rond bijeenkomsten plaats met impulsen die jouw pedagogische inzichten en ontwikkelingen
kunnen versterken, vanuit de antroposofische mensvisie. Wij bieden een vrijblijvend programma op maandelijkse
basis met bijeenkomsten die in de ochtend plaatsvinden.
Vertrouwenspersoon
Binnen de Michaëlschool hebben wij een vertrouwenspersoon die door leerlingen, leerkrachten en ouders
anoniem benadert kan worden. Haar naam is Maaike van Schoot en zij is kleuterjuf. In de hal van onze school
hangt een briefhuisje waar (eventueel anoniem) vragen en gebeurtenissen schriftelijk mogen worden gedeeld.
Schoolgids
Via deze link is onze schoolgids te bekijken. Hierin is informatie over schooltijden, lesopbouw en contactpersonen
te vinden.
LINK
Jaarplan
Via deze link is ons jaarplan te bekijken. Hierin staat wat onze doelen (intern en extern) zij voor komend
schooljaar.
LINK
Kalender (levert Wouter aan)
Via deze link is onze kalender te bekijken. Hierin staan onze studiedagen, jaarfeesten en vakanties.
Schooltijden
Maandag Dinsdag Woensdag Donderdag Vrijdag
Kleuters
(Inloop vanaf 08:15)
08:25 - 12:45 08:25 - 12:45 08:25 - 12:45 08:25 - 12:45 08:25 - 12:45
Klas 1
08:25 - 12:45 08:25 - 15:00 08:25 - 12:45 08:25 - 15:00 08:25 - 12:45
Klas 2 t/m 6
08:25 - 15:00 08:25 - 15:00 08:25 - 12:45 08:25 - 15:00 08:25 - 12:45
Tijdens de pauzes blijven de kinderen op school onder toezicht van de leerkracht.
PROTOCOLLEN:
aannameprocedure kleuters (LINK)
aannameprocedure zij-instromers (LINK)
time-out, schorsing en verwijdering (LINK)
te laat komen (LINK)
klachtenregeling Stichting Athena (LINK)
Interne en externe vertrouwenspersonen (LINK)
Als u interesse hebt in de Michaëlschool dan is de eerste stap het invullen van een interesseformulier. Stuur ons dan een e-mail met onderstaande gegevens. U ontvangt een persoonlijke bevestiging van ontvangst. Let op: het ontvangen van deze email is geen automatische plaatsing op onze school. Uw kind wordt wel op de wachtlijst geplaatst.
Houdt u er rekening mee dat er op dit moment een aannamestop is.
Wanneer er plaats is voor uw kind, dan wordt u uitgenodigd om naar een informatie ochtend te komen, Dit is de eerste kennismaking met de school. Deze ochtenden zijn bedoeld voor de ouders zonder kinderen.
Wanneer u na de informatieochtend voor onze school kiest, nodigen wij u samen met uw kind uit voor een kennismakingsgesprek met onze IB-er Antine Tuininga en onze schoolleider Thijs Brandsma.
Hierna zal de juf of meester contact opnemen voor een diepgaander gesprek waarin ook praktische
afspraken besproken worden. Het volledige aannamebeleid staat binnenkort op deze website.
Interesseformulier:
Voor het kennismakingsgesprek hebben wij onderstaande gegevens nodig:
Gegevens van het kind
Achternaam, voornaam en roepnaam
Adres, postcode en woonplaats
Telefoonnummer
Geboortedatum
Geslacht
Eventuele bijzonderheden
Peuterspeelzaal, kinderdagverblijf of basisschool gegevens
Is het kind afkomstig van peuterspeelzaal of kinderdagverblijf: Ja/nee
Is het kind afkomstig van basisschool: Ja/nee
Gegevens van peuterspeelzaal/kinderdagverblijf/basisschool:
Naam
Adres
In welke klas zit het kind nu?
Peutergroep
Kleuterklas (groep 1)
Kleuterklas (groep 2)
Klas 1 (groep 3)
klas 2 (groep 4)
klas 3 (groep 5)
klas 4 (groep 6)
klas 5 (groep 7)
klas 6 (groep 8)
Informatie ouder/verzorger
Invullen voor beide ouders
Naam
Adres, postcode en woonplaats
Woonplaats
Mobiele telefoonnummer
E-mail
Download formulier (LINK)
Vragen en of opmerkingen
Zijn er vragen of opmerkingen, stuur deze dan mee in de e-mail.
De bovenstaande gegevens kunt u versturen naar administratie@michaelschoolleeuwarden.nl t.a.v. Saapke
Lemke- van der Goot.
